Teamcoaching in een zorginstelling: werken aan wat tussen collega's speelt
Een goed zorgteam loopt niet vanzelf. Hoe werk je aan samenwerking in een sector waar druk, verloop en emotionele belasting samen komen?
Wie in een zorginstelling werkt, kent het gevoel: het werk doe je samen, en tegelijk werk je vaak in je eentje. De ene collega zit op de gang, de ander is op huisbezoek, de derde heeft net een crisismelding. Tussendoor is er soms een korte overdracht, meer dan dat zelden. En toch heeft een zorgteam een sterke onderlinge dynamiek. Wie hoe reageert in een spanningsmoment. Wie in stilte oppakt wat een ander laat liggen. Wie altijd te laat is met overdracht en wie nooit klaagt.
In coaching met zorgteams kom ik dezelfde patronen vaak tegen. Niet omdat zorgteams uitzonderlijk zijn, wel omdat de sector specifieke krachten op teams legt die elders minder zo voelbaar zijn.
Wat in zorgteams typisch speelt
Verloop dat resterende collega's belast. Wanneer collega's vertrekken, neemt het team het werk vaak op. Dat is niet altijd zichtbaar, het zit in kleine extra's, in iets vaker overslaan van pauzes, in een toon die scherper wordt. Cumulatief leidt dat tot uitputting, en uiteindelijk tot meer verloop.
Onverwerkte gebeurtenissen. Een patiënt die overlijdt, een incident, een conflict met een familie. In een goed georganiseerde zorginstelling worden zulke gebeurtenissen besproken. In de praktijk vallen ze vaak tussen de wal en het schip, geprotocolleerd in een formulier, niet werkelijk verwerkt in het team.
Hiërarchie die op verschillende manieren werkt. Een arts en een verpleegkundige hebben formeel verschillende rollen. In de praktijk werken ze samen op een manier die soms wringt, vaak rond beslissingen die expertise van beide kanten vragen, met onhelderheid over wie uiteindelijk beslist.
Een verborgen morele last. Zorgprofessionals dragen vaker dan andere beroepen morele dilemma's mee, beslissingen over levenskwaliteit, over waar zorg ophoudt zinvol te zijn, over conflicterende familiewensen. Die last komt zelden expliciet op tafel, en weegt daardoor zwaarder dan nodig.
Hoe een teamtraject werkt
Een teamtraject in een zorginstelling begint zelden meteen bij het hele team. We voeren eerst individuele intakes, met elk teamlid een gesprek van een uur. Daar komt bovendrijven wat in de groep niet wordt gezegd. Vaak hetzelfde patroon: iedereen voelt iets, niemand bespreekt het.
Vandaaruit ontwerpen we sessies. Geen plenaire vergaderingen, wel werkbijeenkomsten van een halve dag waarin we de patronen op tafel leggen. Niet om iemand aan te wijzen, wel om samen te onderzoeken. We werken met systemische werkvormen, met opstellingen, soms met casuïstiek. Wat in welke vorm past, hangt af van wat het team nodig heeft.
Wat een traject typisch oplevert
Bespreekbaarheid van wat ondergronds was. Conflicten tussen artsen en verpleegkundigen die jaren onuitgesproken bleven. Frustratie over een leidinggevende die niet zichtbaar is. Verschillen in zorgvisie tussen collega's die nooit expliciet werden gemaakt. Op tafel brengen wat onuitgesproken blijft, is zelden direct oplossen, wel direct ontladen.
Ritme dat ondersteunt. Veel zorgteams ontdekken in een traject dat ze structureel een evaluatiemoment missen. Een kwartaalgesprek waarin niet alleen werkinhoud wordt besproken, maar ook hoe het team het werk aan het doen is. We helpen om dat ritme in te bouwen, niet als extra vergadering, wel als verlichting van wat anders sluipend doorbouwt.
Erkenning van wat het werk doet. Soms is het belangrijkste deel van een traject dat een team voor het eerst in jaren werkelijk erkent wat het samen heeft doorgemaakt. De crises, de verlies, de ontslagen, de reorganisaties. Die erkenning bevrijdt energie die ondergrond was, en maakt het volgende werk lichter.
De rol van de leidinggevende
Een teamtraject in de zorg lukt alleen als de leidinggevende meedoet. Niet als deelnemer in elke sessie, wel in zijn eigen rol expliciet bevraagd. Wat doet hij of zij dat het patroon mee in stand houdt? Welke beschermende reflexen werken averechts uit? Welke ruimte krijgt het team om eerlijk te zijn over de leiding zonder dat dat consequenties heeft?
Leidinggevenden in de zorg zijn vaak zelf zorgprofessional gebleven. Dat geeft hen geloofwaardigheid in de inhoud, en maakt het tegelijkertijd extra moeilijk om hun rol als leidinggevende stevig in te nemen. Coaching werkt aan precies dat punt.
Wat coaching niet is
Teamcoaching is geen trainingstraject met modellen. Het is geen mediation tussen twee partijen. Het is geen functioneel HR-onderzoek. Het is gericht op de patronen die zich in jullie team hebben ontwikkeld, en op hoe die te verschuiven zonder dat het mensenhandel wordt.
Voor zorgorganisaties die zoeken naar duurzame teamversterking, niet de zoveelste training, wel werkelijk werk aan wat speelt, is dit type begeleiding vaak waardevol. En de uitkomst is concreet: betere samenwerking, lager verloop, en een werk dat opnieuw enigszins draagbaar voelt voor wie het doet.
Veelgemaakte valkuilen
In teamtrajecten zien we een aantal patronen die op zichzelf logisch zijn, maar gezamenlijk een gezonde samenwerking ondermijnen.
Conflicten onder de oppervlakte houden in naam van 'sfeer'. Veel teams behandelen oppervlakkige harmonie als bewijs van goede samenwerking. Niemand maakt ruzie, dus het gaat goed. Maar onuitgesproken spanning is altijd duurder dan uitgesproken spanning. Wat in de wandelgangen wordt gezegd, hoort bij het werk te horen, niet ergens anders.
Persoonlijke patronen tot teampatroon verklaren. Een tweede valkuil: één persoon brengt steeds dezelfde dynamiek mee, en het team gaat zich daarnaar voegen. "Zo gaat het altijd met haar" of "hij is nu eenmaal zo." Wie het patroon als gegeven ziet, ontneemt zichzelf de mogelijkheid het te veranderen. Vaak helpt het om het bespreekbaar te maken, niet als verwijt, wel als feit.
De leidinggevende laten regelen wat aan het team is. Een derde valkuil: collega's brengen hun onderlinge spanning bij de leidinggevende, in plaats van rechtstreeks met elkaar. Dat lijkt veilig, maar het ontkracht het team. Volwassen samenwerking betekent dat je collega's ook elkaar aanspreken, niet alleen via een tussenpersoon.
Wanneer coaching het verschil maakt
Niet elk team heeft coaching nodig. Sterke teams bewegen vaak vanzelf, ze houden elkaar scherp, lossen kleine spanningen onderweg op, vragen wat ze nodig hebben. Maar er zijn situaties waarin een externe begeleider concreet verschil maakt.
Wanneer dezelfde patronen blijven terugkomen ondanks goede intenties. Het team weet het, ze hebben er gesprekken over gehad, er zijn afspraken gemaakt, en toch herhaalt het zich. Op dat moment is een externe blik vaak doorslaggevend. Iemand die niet in het patroon zit, kan het zien en bespreekbaar maken op een manier die intern niet meer lukt.
Wanneer de leidinggevende geen objectieve positie meer heeft. Soms zit de leidinggevende zelf in de dynamiek, als deelnemer, als rolmodel, als oorzaak van een deel van de spanning. In die gevallen kan hij geen onafhankelijke begeleider zijn. Een externe coach kan dat wel.
Wanneer er na een ingrijpende gebeurtenis structureel iets is veranderd. Een fusie, een ontslag, een conflict dat is geëscaleerd, een ziekte van een sleutelpersoon, dat soort gebeurtenissen laten een afdruk achter die niet vanzelf herstelt. Een coachtraject kan helpen het team te helpen verwerken wat is gebeurd en opnieuw richting te vinden.
In teamtrajecten bij Regiemakers werken we systemisch: we kijken niet alleen naar wat er nu speelt, ook naar wat het patroon in stand houdt.
Voor wie speelt dit?
Wat dit artikel beschrijft is op verschillende plekken voelbaar, afhankelijk van je rol in het team:
De teamleider die merkt dat zijn team beleefd langs elkaar werkt. Vergaderingen lopen netjes. Niemand maakt ruzie. Maar er gebeurt te weinig, beslissingen worden uitgesteld, problemen kruipen onder de oppervlakte. Dat is geen gezonde harmonie; dat is gestolde voorzichtigheid.
Het teamlid dat onuitgesproken spanning voelt. Je merkt dat collega's elkaar mijden, dat bepaalde onderwerpen niet meer worden aangeroerd, dat er een dynamiek is die niemand benoemt. Vaak ben je niet de enige die het ziet, maar wel een van de weinigen die durft te bedenken om het te benoemen.
De manager van het team die ziet dat patronen blijven terugkomen. Je hebt al verschillende interventies geprobeerd: nieuwe rollen, andere overlegstructuren, soms een teambuilding. Het effect is hooguit kortdurend. Op die momenten wordt duidelijk dat het probleem niet bij vorm zit, maar bij wat ondergronds speelt.
In elke van deze posities is het vaak nuttig om met een externe blik te kijken, iemand die niet in het systeem zit en daardoor kan zien wat van binnenuit niet meer waarneembaar is.
Werk je in een zorgteam waar de samenwerking onder druk staat? Plan een eerste gesprek, teamcoaching helpt bij het werk dat in vergaderingen niet wordt gedaan.
Bas Resink
Coach en mede-oprichter van Regiemakers. Bas helpt professionals en teams om spanning productief te maken via Fluide coaching.
Herken je dit?
Wil je werken aan de thema's uit dit artikel? Een kennismakingsgesprek is vrijblijvend en duurt 30 minuten.
Plan een kennismakingsgesprekGerelateerde artikelen
Generaties op de bouwplaats: vakkennis tussen oud en jong
Op de bouwplaats werken generaties met verschillende verwachtingen samen. Hoe maak je het verschil productief in plaats van bron van frustratie?
Veiligheidscultuur op de bouwplaats: voorbij de helm en het hesje
Veiligheid op de bouwplaats werkt alleen als collega's elkaar durven aanspreken. Hoe bouw je een cultuur die voorbij de regels gaat?
Hybride werken in tech: verbinding houden zonder dezelfde plek te delen
Tech-teams werken vaak hybride. Maar verbinding ontstaat niet vanzelf via beeldscherm. Hoe bouw je samenwerking die ook op afstand standhoudt?