Een nieuwe collega laten landen in een gevormd team
Een nieuwe collega in een bestaand team is geen administratieve aangelegenheid. Hoe je ervoor zorgt dat hij of zij landt, voor het team én voor zichzelf.
Het inwerken van een nieuwe collega wordt in veel organisaties als een proces gezien. Een onboardingschecklist met punten die afgevinkt moeten worden. Een paar kennismakingsgesprekken in de eerste week. Een mentor die hem 'wegwijs maakt'. En na een maand wordt aangenomen dat hij wel is geland.
Vaak is hij dan helemaal niet geland. Hij voert zijn taken uit. Hij kent zijn collega's bij naam. Hij weet hoe het koffieapparaat werkt. Maar de werkelijke landing, een teamlid worden, niet alleen erbij komen, kost veel langer dan de meeste organisaties hem geven. En als die landing niet goed verloopt, lijdt zowel de nieuwe als het bestaande team eronder.
In coaching werk ik vaak met nieuwe medewerkers die zes maanden of een jaar na hun start nog niet werkelijk thuis zijn in hun team. En ook met leidinggevenden van wie het team een nieuw lid kreeg en niet ten volle integreerde. Beide kanten van de medaille hebben een wat eerlijker beeld van wat landing werkelijk vraagt nodig.
Wat onboarding meestal mist
De informele kennis
In elk team bestaat een dikke laag informele kennis. Wie heeft welke positie, formeel én informeel? Welke onderwerpen liggen gevoelig? Wat is de geschiedenis tussen deze twee collega's? Welke beslissingen zijn ooit genomen waar je beter niet aan kunt komen?
Die kennis staat in geen handboek. Ze wordt in een paar maanden langzaam opgepikt, door observatie, gespreksflarden, kleine missers die later bleken niet handig te zijn. Voor de nieuwe collega is dat een zware leerlast in een tijd dat hij zich ook nog moet bewijzen.
Een goed onboarding-proces kort dit in. Niet door alle gevoeligheden te delen, wel door iemand toe te wijzen die als gids fungeert, met wie de nieuwe terecht kan met "hoe loopt dit hier eigenlijk?", vragen.
De emotionele werkelijkheid van een nieuw lid
Een tweede gemis: de emotionele werkelijkheid van een nieuwe persoon wordt vaak onderschat. Wie net begint, is een onbekende in een huis vol bekenden. Hij voelt zich gewatch. Hij wil indruk maken zonder te overdrijven. Hij wil aansluiten zonder te verdwijnen.
Dat is een ongemakkelijke positie. En het kost mentale energie die naast de werkelijke werktaken bovenop komt. Een leidinggevende die alleen op werktaken stuurt zonder oog voor deze ongemakkelijkheid, mist een belangrijke ondersteunende rol.
De impact op het bestaande team
Een derde gemis: het effect op het bestaande team. Een nieuwe collega verandert dynamiek. Onuitgesproken rolverdelingen worden anders. Mensen die zich gewend hadden aan een bepaalde positie, voelen zich onbewust uitgedaagd. Dat is niet erg, het hoort bij het ontstaan van een nieuw team, maar het wordt vaak niet besproken.
In de eerste maanden lopen veel kleine spanningen die eigenlijk over deze dynamiek gaan. Iemand die ineens iets terugschuift waar de nieuwe komt. Een ander die opvallend stil wordt in vergaderingen waarin de nieuwe een goede bijdrage levert. Vaak los te maken, als ze besproken zouden worden. Wat zelden gebeurt.
De drie fases van werkelijke landing
Fase 1: Plaats vinden (eerste maand)
In de eerste maand is het werk vooral oriëntatie. Wie is wie? Welke patronen zijn er? Wat hoort hier wel en niet? Hoe wordt er gewerkt?
Het belangrijkste in deze fase is dat de nieuwe niet probeert al te 'staan' voordat hij weet waar hij staat. Te snel meningen geven, te snel ingrijpen, te snel positie kiezen, werkt zelden. Wie eerst observeert en zich rustig oriënteert, krijgt een fundament dat houdbaar is.
Voor het bestaande team is het werk ook duidelijk: ruimte maken voor observatie. Niet meteen alle verwachtingen op de nieuwe leggen. Niet meteen oordelen of hij past. Hem laten landen op de manier die voor hem werkt.
Fase 2: Bijdragen vinden (tweede tot zesde maand)
In deze fase begint de nieuwe te bijdragen. Hij neemt verantwoordelijkheid op. Hij voert taken zelfstandig uit. Hij begint stem te krijgen in besprekingen. Hij wordt langzaam herkenbaar in zijn werkende identiteit.
Belangrijk in deze fase: ruimte voor leren én voor schipperen. Hij maakt fouten, onvermijdelijk. Hoe het team daarop reageert, bepaalt hoe hij zich verder ontwikkelt. Te scherp reageren maakt hem voorzichtig. Te toegevend reageren laat hem doormodderen. De juiste reactie is helderheid met aandacht: dit ging niet goed, dit is wat we ervan leren, hier kun je op door.
Fase 3: Eigen positie vinden (zes tot twaalf maanden)
In deze fase wordt de nieuwe geen nieuwe meer. Hij heeft een eigen positie in het team. Andere collega's komen voor zijn expertise. Hij heeft zijn eigen vergaderagenda. Hij is niet meer 'de nieuwe', hij is 'X' geworden.
Deze fase wordt vaak onderschat. Ze gebeurt niet vanzelf. Er zijn nieuwe medewerkers die na een jaar nog steeds als 'de nieuwe' worden behandeld, niet omdat ze niet bijdragen, maar omdat het bestaande team niet heeft gemerkt dat ze geen nieuwen meer zijn. Of omdat zij zelf nooit hebben durven uit te treden uit de positie van nieuwkomer.
Een goede leidinggevende markeert deze overgang expliciet. Een evaluatie na twaalf maanden waarin uitgesproken wordt: je bent geen nieuwe meer, je bent X. Met de bijbehorende verantwoordelijkheid en autoriteit.
Wat werkt, voor de leidinggevende
Plan structurele check-ins
In de eerste twee maanden is wekelijkse één-op-één met de nieuwe verstandig. Niet operationeel, wel reflectief. Wat valt op? Waar loop je tegen aan? Wie heb je nog niet gesproken? Welke vraag durf je niet te stellen?
Daarna kan het maandelijks. Maar niet eerder dan na drie maanden moet het ad hoc worden, anders mist iemand de structurele aandacht die landing verdient.
Maak de informele kennis expliciet
Wijs iemand toe als gids, niet alleen als mentor voor inhoudelijk werk, maar voor de informele kant. Iemand die de nieuwe ongevraagd vertelt: "We hebben in deze organisatie de gewoonte om …" of "Let op, bij die collega is dit een gevoelig onderwerp."
Die rol moet bewust worden gegeven. Veel organisaties gaan ervan uit dat het 'vanzelf gaat'. Het gaat niet vanzelf. Het gaat alleen als iemand expliciet verantwoordelijk is voor het delen van wat in geen handboek staat.
Bespreek de impact op het bestaande team
In de eerste weken is het verstandig om in een teammeeting expliciet stil te staan bij wat de nieuwe collega met de groep doet. Niet alleen "welkom hier". Wel: "hoe past hij in onze manier van werken? Welke aanpassingen vraagt dat van ons? Wat valt jullie op aan onze eigen patronen nu we ze hardop moeten uitleggen?"
Dit lijkt een merkwaardig gesprek. Het is verbazend vruchtbaar. Want het maakt expliciet wat anders impliciet zou blijven, en het geeft de groep een gevoel van eigenaarschap voor de landing van de nieuwe.
Wat werkt, voor de nieuwe medewerker
Eerlijk zijn over wat je niet weet
De grootste fout van veel nieuwen: doen alsof je alles begrijpt. Vergaderingen volgen waar je de helft van de namen niet kent. Beslissingen knikken voor zonder dat je weet waarover. Wegwuiven van vragen om niet 'dom' over te komen.
Volwassener: vraag. "Ik weet niet wie X is, wat is zijn rol?" "Ik begrijp dit project niet helemaal, kun je me bijpraten?" Veel werkrelaties beginnen op een goede toon doordat de nieuwe vragen heeft gesteld die hem inzicht gaven én een professionele indruk maakten.
Niet te snel mening geven
Een tweede valkuil: vroeg in de rit te veel meningen geven. Voor een nieuwe medewerker is alles zichtbaar, patronen, processen, beslissingen. Het is verleidelijk om snel commentaar te leveren. Vrijwel altijd te vroeg.
Een werkbare vuistregel: in de eerste drie maanden vooral observeren en vragen stellen. Pas in de vierde maand begin je voorstellen voor verbeteringen te formuleren. Eerder oordeel ondermijnt vaak de positie die je net opbouwt.
Een gesprekspartner buiten je nieuwe organisatie
Een derde tip: zorg voor een gesprekspartner buiten je nieuwe organisatie. Een coach, een mentor, een vroegere collega die je vertrouwt. In de landingsfase is veel intern. Het helpt om een externe spiegel te hebben die niet onder de patronen valt waarin jij net binnenkomt.
In zo'n gesprek hoor je vaak dingen die je intern niet had kunnen formuleren, over patronen die je opvallen, over twijfels die je hebt, over je eigen positie in het geheel.
Het diepere belang
Een goede landing van een nieuwe collega is geen zachte aandacht. Het is een investering die zich uitbetaalt. Mensen die werkelijk landen, blijven langer, dragen meer bij, en groeien sneller. Mensen die niet werkelijk landen, vertrekken vaak binnen twee jaar, vaak met de aanname dat de organisatie iets fout heeft gedaan, terwijl de organisatie evenmin doorhad waarom.
Voor het bestaande team levert een goede landing iets op wat zelden expliciet wordt benoemd: groei. Want werkelijk een nieuwe collega ontvangen vraagt dat het team zijn eigen patronen heroverweegt. En dat is een vorm van professionele volwassenheid die team na team scherper maakt.
Begin je net in een nieuwe rol of verwacht je een nieuwe collega? Neem contact op, coaching helpt bij landing die werkelijk landing is.
Bas Resink
Coach en mede-oprichter van Regiemakers. Bas helpt professionals en teams om spanning productief te maken via Fluide coaching.
Herken je dit?
Wil je werken aan de thema's uit dit artikel? Een kennismakingsgesprek is vrijblijvend en duurt 30 minuten.
Plan een kennismakingsgesprekGerelateerde artikelen
Hoe je omgaat met een dominant teamlid zonder te verharden
Een dominante collega kan een team gijzelen. Hoe je hem of haar teruggeeft aan zijn juiste maat zonder zelf hard te worden.
Wat doe je als je collega te dicht bij de leidinggevende komt
Soms krijgt een collega een nauwere band met de leidinggevende dan de rest van het team. Hoe je daarmee omgaat zonder paranoia, en zonder onderdanigheid.
De olifant in de kamer benoemen, en wat erna komt
Iedereen ziet de olifant. Niemand benoemt hem. Hoe je dat moment doorbreekt, en wat er nodig is voor het gesprek dat erna kan plaatsvinden.